<
>

Zij beslisten close calls tussen Feyenoord en PSV

ANP

De eerste topper van het nog prille seizoen staat zondag op het menu. In Eindhoven neemt PSV het op tegen Feyenoord. Natuurlijk staat de 10-0 uit 2010 haarscherp in het collectieve voetbalgeheugen gegrift. Maar veel vaker waren onderlinge ontmoetingen in het Philips Stadion tussen beide clubs een close call. We zetten zes van die duels en de bijbehorende matchwinners op een rijtje.

Gastón Pereiro
1-0, 17 september 2017
De laatste drie keer dat PSV en Feyenoord elkaar voor de Eredivisie troffen in de Lichtstad, rolde telkens hetzelfde resultaat uit de bus. 1-1, 1-1 en… 1-1. Het is dus even geleden dat deze topper een winnaar opleverde. Dat gebeurde precies vier jaar en twee dagen geleden. Toen maakte Gastón Pereiro al heel vroeg de eerste goal van de wedstrijd, die ook de enige bleek te zijn. PSV won, ook omdat Steven Berghuis al voor rust met tweemaal geel het veld moest ruimen bij Feyenoord.

Pereiro – die in 2015 naar Eindhoven kwam – vestigde zijn naam als doelpuntenmaker in topduels, maar werd bij PSV ook vaak op de bank gezet. Na 4,5 jaar vertrok hij naar Cagliari, waar hij ook veel zitvlees kweekt en geregeld met blessures aan de kant staat. Het is meer dan een jaar geleden dat hij in de Serie A langer dan een uur binnen de lijnen stond.

Eric Botteghin
0-1, 18 september 2016
PSV is thuis dus al vier jaar zonder competitiezege op Feyenoord. Maar voor de Rotterdammers is het nog een jaartje langer geleden dat ze in de Eredivisie met drie punten het Philips Stadion uitliepen. Ook dat gebeurde in september, op 18 september 2016 om precies te zien. Het leek er toen lang op dat de wedstrijd doelpuntloos zou blijven. Maar Eric Botteghin, compleet vrijgelaten bij een corner, maakte vlak voor tijd de winnende. Een eervolle vermelding was er in dat duel ook voor Brad Jones, die in de dying seconds de gelijkmaker voorkwam. Na het kampioensjaar bleef Botteghin, die ondanks zijn vele basisplekken geregeld onder vuur lag, nog vier seizoenen in Rotterdam-Zuid. Afgelopen zomer tekende hij bij Ascoli, dat uitkomt op het tweede niveau van Italië. Daar heeft hij dit seizoen nog geen minuut gemist.

Memphis Depay
4-3, 17 december 2014
Op een ongetwijfeld koude woensdagavond in december 2014 zorgden PSV en Feyenoord voor een hartverwarmende editie van deze topper. Normaal gesproken vallen er niet bijster veel doelpunten in deze wedstrijd. Dat was ditmaal wel anders. Voor een groot deel was dat te danken aan Luuk de Jong, die drie keer scoorde voor de thuisploeg. Het venijn zat echter in de welbekende staart. De destijds veelbesproken Colin Kazim-Richards zorgde na 89 minuten voor de 3-3 voor de bezoekers. Maar daar bleef het niet bij. Diep in de extra tijd maakte niemand minder dan Memphis Depay op aangeven van Florian Jozefzoon de winnende 4-3. Hoe het verder ging met Memphis, die een half jaar daarna vertrok bij PSV, dat staat ons nog helder voor de geest. Maar hoe zat het ook al weer met Jozefzoon? Dat moesten we even opzoeken. De vleugelspits begon in 2017 aan een Engelse tour, die hem langs Brentford, Derby County en Rotherham United leidde. Begin deze maand tekende hij Quevilly Rouen – je kent het wel – de huidige nummer elf van de Ligue 2.

Ibrahim Afellay
1-0, 21 december 2008
Het was een seizoen dat beide clubs liever willen vergeten. In 2008/09 eindigde PSV als vierde. Feyenoord werd slechts zevende. Toen ze in december 2008 tegenover elkaar stonden, zaten Gertjan Verbeek (Feyenoord) en Huub Stevens (PSV) nog op de bank. Een maand later waren ze allebei vertrokken. Stevens hield de beste gevoelens over aan de 1-0 zege in 2008, vier dagen voor de kerst. Hij zag Ibrahim Afellay twaalf minuten voor tijd de winnende maken tegen de toen bijna veertigjarige Rob van Dijk, die het doel van Feyenoord verdediigde. Hoewel PSV dus allerminst lekker draaide dat seizoen, ging het ‘Ibi’ wel voor de wind. Hij draaide zijn productiefste jaargang in Eindhoven en was goed voor dertien goals. Eind 2010 vertrok de creatieve middenvelder naar FC Barcelona, waar hij door, mede door blessures, nooit echt doorbrak. Via Schalke, Olympiakos Piraeus en Stoke City keerde hij terug in de Lichtstad, waar hij begin dit jaar zijn loopbaan beëindigde.

Ebi Smolarek
0-1,14 maart 2004
Feyenoord had al vier jaar niet gewonnen van PSV, toen ze op 14 maart 2004 afreisden naar het zuiden. Op die dag viel de winnende treffer al na dertien minuten. Thomas Buffel kreeg, na een flater in de PSV-defensie, een vrije doortocht. Ronald Waterreus hield de inzet van de Belg tegen, maar Ebi - die eigenlijk Euzebiusz heette - Smolarek schoot de rebound knap binnen voor de ploeg van Bert van Marwijk. Het was dat seizoen een van de twee thuisduels waarin het zeer trefzekere PSV niet scoorde. De Brabanders maakten de meeste goals van alle teams, maar moesten de titel laten aan Ajax. Smolarek raakte na het vertrek van Van Marwijk op een zijspoor in De Kuip. Zijn oude trainer haalde hem naar Borussia Dortmund, waar de Pool twee sterke seizoenen draaide. Daarna versleet de aanvaller zijn clubs in een rap tempo. Binnen zes jaar trok hij zeven verschillende shirts aan, verspreid over vijf landen. Die trektocht eindigde in zijn vaderland, waar hij in 2013 bij het onvolprezen Jagiellonia Białystok afsloot.

Patrick Paauwe
0-1, 3 februari 2000
Last but not least in deze rij. De eerste Feyenoorder die in dit millennium scoorde. Hij deed dat tegen de club waar hij zijn eerste stappen in het betaald voetbal zette, maar slechts drie duels speelde. PSV dus. Veel vaker – meer dan tweehonderd keer – speelde hij voor Feyenoord. Zo ook in februari 2000, in een wedstrijd die tot een spaarzame nederlaag van de uiteindelijke kampioen PSV zou leiden. Paauwe poeierde met zijn gevreesde linker een vrije bal langs de muur en Waterreus, die ook toen al onder de lat stond. Hoewel Feyenoord nog met tien man kwam te staan door een rode kaart van Jan de Visser, trok de ploeg van Leo Beenhakker aan het langste eind.

En Paauwe? Die speelde tien seizoenen voor Feyenoord. Daarna koos hij voor twee avonturen over de grens, maar op rij-afstand van Nederland: bij het Noord-Franse Valenciennes en Borussia Mönchengladbach uit het Roergbied. Voor het slot van zijn loopbaan keerde hij terug in Nederland, waar hij nog twee seizoenen op het hoogste niveau speelde bij VVV.