<
>

Einde aan Ten Hag-tijdperk: hoe de Tukker "een beetje Ajacied" is geworden

Veel wenkbrauwen fronsen als Erik ten Hag bij zijn eerste training met een FC Utrecht-koffer op De Toekomst verschijnt. De fans zijn kritisch over zijn aanstelling. Of de trainer wel bij de club past, is volgens hen maar zeer de vraag. Desondanks evolueert de oefenmeester naar een echte Ajax-trainer. Na 4,5 jaar verlaat hij Amsterdam met drie landstitels, twee TOTO KNVB Bekers en één Johan Cruijff Schaal.

Afgelopen woensdag zat Erik ten Hag voor het laatst op de bank als coach van Ajax in de Johan Cruijff ArenA. Hij nam afscheid in een overvol stadion en legde beslag op de 36ste landstitel van de Amsterdammers. Nog één wedstrijd verdedigt hij de belangen van Ajax als oefenmeester, voordat hij naar Manchester United vertrekt.

Eind december 2017 wordt hij overgenomen van FC Utrecht en tekent een contract van 2,5 jaar in de hoofdstad, waar hij de ontslagen Marcel Keizer opvolgt. Hoewel de Haaksbergenaar in het verleden heeft aangetoond prijzen te kunnen winnen (kampioen bij Bayern Munchen II, promotie met Go Ahead Eagles naar de Eredivisie en het winnen van de play-offs om Europees voetbal met FC Utrecht) is er twijfel rondom zijn aanstelling.

Oud-Ajacied en analist Hedwiges Maduro blikt terug op de keuze voor Ten Hag: “Hij had eigenlijk een achterstand bij de supporter en de pers. Er werd lacherig gedaan over de manier waarop hij zich presenteerde. De fans waren niet overtuigd, maar zijn helemaal omgeslagen. In het begin moest een Ajax-trainer dominant zijn, voor de groep kunnen staan en Amsterdamse flair hebben. Ten Hag is eigenlijk een heel rustig persoon, die dat misschien niet zo snel uitstraalt. Uiteindelijk is hij een echte Ajax-trainer gebleken.” Zelf zei de trainer ook dat ‘deze Tukker een beetje Ajacied geworden’.

‘Meest succesvolle Ajax-trainer’

De 52-jarige trainer uit Haaksbergen kent hele goede cijfers als eindverantwoordelijke van Ajax. Wat betreft winstpercentage is hij de op één na meest succesvolle Ajax-trainers aller tijden. Alleen de inmiddels overleden Ștefan Kovács won vaker dan Ten Hag. Kovács zag tussen 1971 en 1973 zijn ploeg 60 van de 68 Eredivisiewedstrijden winnen. Dat komt neer op een winstpercentage van 88 procent.

Na twee zeer succesvolle seizoenen, waarin Kovács twee keer landskampioen wordt, de KNVB Beker pakt, tweemaal de Europacup I wint en één keer de Wereldbeker, moet hij terug naar Roemenië vanwege het communistische regime dat hem maar twee jaar in het Westen laat werken. Daardoor heeft hij de magische grens van honderd wedstrijden niet gehaald. Ten Hag wél.

Dit jaar in de uitwedstrijd tegen zijn oude club FC Utrecht (0-3 winst) wordt hij de trainer die het snelst zijn honderdste Eredivisie-overwinning behaald met één club. Daarmee blijft hij Louis van Gaal (137 wedstrijden) negen wedstrijden voor. Buiten dit record heeft Ten Hag het hoogste winstpercentage van Ajax-trainers met minstens honderd wedstrijden. Daarin is hij de meest succesvolle coach uit de clubhistorie.

Cijfermatig geizen is het beste seizoen onder de afzwaaiende coach die van 2020-2021, al zal de succesvolle Champions League-campagne in 2018-2019 het meest blijven hangen. Met maar liefst 88 punten en een doelsaldo van +79 wordt Ajax met zestien punten verschil op nummer twee PSV zeer overtuigend kampioen. In het 65-jarige bestaan van de Eredivisie gebeurt het drie keer dat een elftal méér punten pakte in een seizoen. Alle drie de keren was dat Ajax.

* Omgerekend naar een 3-puntensysteem

Heersend in eigen competitie

Sinds de aanstelling van Ten Hag pakt Ajax 350 punten in 142 wedstrijden. PSV, die in de afgelopen 4,5 jaar de voornaamste concurrent is van de Amsterdammers, pakt 319 punten sinds 1 januari 2018. Het verschil in doelpunten tussen beide teams in dezelfde periode bedraagt 72 goals (420 tegenover 348).

Maduro, die zelf negen jaar het Ajax-shirt draagt, geeft Ten Hag alle credits voor het spel dat hij met zijn formatie speelt. “Hij heeft een hele duidelijke visie. Hij gelooft in spelprincipes. Dat heb je altijd teruggezien. Altijd druk op de bal geven bij balverlies, aanvallend spel, dynamisch voetbal. Dat maakt Ajax zo goed en dat komt door Ten Hag.”

Sinds de aanstelling van Erik ten Hag komt Ajax tot 587 opgebouwde aanvallen in de Eredivisie. Dat zijn er minstens 132 meer dan ieder ander team in de competitie. Het dominante voetbal bij balbezit, maar ook het meteen heroveren van de bal maakt Ajax heersend in eigen land. Wat betreft de PPDA - het aantal passes van de tegenstander op eigen helft voordat een verdedigende actie wordt ingezet - en gewonnen balbezit in het beslissende derde deel van het veld is er geen team beter dan dat van Ten Hag.

Volgens Maduro heeft de afzwaaiend coach de klassieke Ajax-school deels veranderd. “Ajax staat bekend om de 4-3-3 met echte buitenspelers, maar Ten Hag speelde meer 4-2-3-1. Heel veel dynamiek met die drie achter de spits. Daardoor kreeg je heel veel variatie en zijn ze onvoorspelbaar. Ze moesten vroeger in het klassieke systeem écht beter zijn dan de tegenstander om dominant te zijn. In Europa kon je bijna niet meer zo spelen als je minder was. Dat heeft Ten Hag veranderd en dat zie je bijvoorbeeld afgelopen jaar in de groepsfase van de Champions League terug. Zo dominant en aanvallend. Daar heeft iedereen van genoten. Ook in 2018-2019 toen ze bijna de finale haalden was het spel zo goed. Ze kregen sympathie van heel Europa. Het is lang geleden dat Ajax dat heeft gehad.”

Inzet eigen jeugd

Sinds de komst van Ten Hag in Amsterdam, trekt de directie de portemonnee om de selectie van een serieuze kwaliteitsinjectie te voorzien. Toenmalig directeur voetbalzaken, Marc Overmars haalt Dušan Tadić voor zeventien miljoen euro op bij Southampton FC en in dezelfde zomer wordt ook ‘verloren zoon’ Daley Blind voor minstens zestien miljoen euro bij Manchester United opgehaald. Daarmee wordt de toon gezet en wordt het transferrecord meerdere malen verpulverd. Daarnaast gaat het salarisplafond flink omhoog. In tegenstelling tot andere jaren blijven bepalende spelers langer in Amsterdam, in plaats van dat ze kiezen voor een vroeg vertrek naar het buitenland.

Er ontstaat een mix van grote talenten uit eigen jeugd en ervaren krachten in het elftal. Ondanks dat de financiële mogelijkheden groeien, kijkt de oefenmeester ook rond in eigen jeugdopleiding. In 4,5 jaar doet hij een beroep op 62 verschillende spelers, waarvan veertig daarvan hun debuut maakten.

Maar liefst zestien talenten van De Toekomst maken onder Ten Hag hun debuut in het eerste elftal. Ryan Gravenberch, Noussair Mazraoui, Jurriën Timber, Devyne Rensch, Brian Brobbey en Sergiño Dest zijn daarvan de spelers op wie Ten Hag het meest een beroep doet. Inmiddels klopt ook Kenneth Taylor al enige tijd hard op de deur en mag hij net als Jurgen Ekkelenkamp (in voorgaande seizoenen) regelmatig invallen of de laatste tijd zelfs starten.

Noa Lang (Club Brugge), Azor Matusiwa (Stade de Reims), Dani de Wit (AZ), Kaj Sierhuis (Stade Reims, gehuurd door Heracles), Amourricho van Axel Dongen, Sontje Hansen, Youri Regeer, Liam van Gelderen (allen Jong Ajax) hebben mogen ruiken aan het grote werk, maar van een échte doorbraak is geen sprake.

Erik ten Hag kan terugkijken op een zeer succesvolle periode, waarin hij deels verantwoordelijk is voor de cultuuromslag die Ajax heeft doorgemaakt. Ondanks veel commotie rondom zijn club, zoals bijvoorbeeld de Promes-zaak, Onana's dopingschorsing en de Overmars-gate, is hij keurig naar buiten uit getreden en heeft hij ondertussen goed gepresteerd. Het eerste halve jaar weet hij de inhaalslag op PSV niet te voltooien, maar de vier jaar erna eindigt Ten Hag telkens bovenaan de competitie, met het afgebroken coronaseizoen meegerekend. Drie landstitels, twee TOTO KNVB Bekers (drie finales), één Johan Cruijff Schaal (2 finales) en zet hij Ajax Europees terug op de kaart.