<
>

Oranjevrouwen geloven in stunt tegen Amerika

Na twee monsterzeges (8-2 tegen China & 10-3 tegen Zambia) en een gelijkspel tegen Brazilië (3-3) gaan de Olympische Spelen voor het Nederlands vrouwenelftal nu echt beginnen. Als winnaar van groep F neemt de ploeg van bondscoach Sarina Wiegman het in de kwartfinales op tegen wereldkampioen de Verenigde Staten.

Geloof in stunt
Nederland - Verenigde Staten wordt een herhaling van de WK-finale in 2019. Toen gingen de Oranjevrouwen met 2-0 onderuit. "Wij zien wel kansen tegen Amerika", zegt Wiegman vol vertrouwen. "In de poulefase is gebleken dat Amerika ook wel kwetsbaar is. Dus wij gaan dat allemaal heel goed op een rijtje zetten en ons voorbereiden. Wij hebben er geloof in dat wij kunnen stunten. Want wij weten ook dat we niet de favoriet zullen zijn. Maar goed, dat vinden wij niet zo erg."

Amerika is hét land
Ook Jackie Groenen heeft er zin in. "Het is één van de topwedstrijden die je kunt spelen. Amerika is hét land, waar je ook een finale tegen hebt gespeeld. Het wordt een hartstikke leuke wedstrijd en we kijken er allemaal heel erg naar uit. En we hopen dat we ze dit keer kunnen pakken."

Basisplaats Beerensteyn smaakt naar meer
Voor het eerst dit Olympisch voetbaltoernooi was er een basisplaats voor Lineth Beerensteyn, omdat Vivianne Miedema vanwege lichte klachten niet fit genoeg was om te starten.

Met twee goals in de eerste helft gaf Beerensteyn haar visitekaartje af. "Als aanvaller sta je er om doelpunten te maken. Als je dan de kans krijgt om het te laten zien, dan is het wel fijn om meteen twee doelpunten mee te pikken", aldus de speelster van Bayern München.

Beerensteyn hoopt nu uiteraard in de basis te blijven staan, te beginnen tegen de Verenigde Staten. Maar wat moet ze daar eigenlijk voor doen? En heeft ze daar met bondscoach Wiegman al over gesproken? "Nog niet echt gedaan. Dus misschien wordt het nu wel tijd om dat te doen", sluit Beerensteyn af.